Slimme onbewuste

Het bewustzijn en het slimme onbewuste

door Elly te Brake

 

Sinds Freud zijn de begrippen ‘bewuste’ en ‘on(der)bewuste’ gemeengoed geworden.

Wij mensen zijn trots op ons vermogen bewust te zijn van onszelf, ons denken en handelen. Zo ervaren we keuze-vrijheid. Het zou ons onderscheiden van dieren. Het onbewuste zou zijn als een soort kelder waarheen allerlei onverwerkte gebeurtenissen resp. ongewenste eigenschappen verbannen worden.

In zijn boek “Het slimme onbewuste” ont-troont schrijver en onderzoeker Ap Dijksterhuis met flair de superioriteit van het bewuste weten.

Vervolgens toont hij aan de hand van proeven en bewijzen, argumenten en citaten aan hoe het onbewuste een ongelooflijk omvattend, rijk reservoir is van intuïtief en instinctief weten, handelen, funktioneren. Zo vanzelfsprekend dat we er nauwelijks over nadenken.

Het onbewuste werkt af en toe wat relevante informatie ‘naar boven’ wat het bewustzijn zich dan fier toe-eigent: “wat een geweldig idee; goede keuze; adequate reactie had ik!”

Zoals gezegd bevat het onbewuste ook verdrongen zaken uit de psyche: ‘de schaduw’. Het effekt van verdringing is dat ook de intrinsieke wijsheid gebrekkig toegankelijk wordt en men de mogelijke verbinding met die schatkamer vergeet of verliest.

Aan Jung hebben we het prachtige begrip ‘collectief onbewuste‘ te danken.

Als mens zijn we erfgenaam van een innerlijk, kostbaar, mysterieus terrein dat veel ouder en omvattender is dan ons persoonlijke, rationele weten. Ieder heeft hieraan deel door geboorte in onze soort: niets menselijks is ons vreemd.

Familiesystemen kennen een collectief onbewuste, wel ‘familieziel‘ genoemd. Ook hier is sprake van een schatkamer aan ervaringen, kracht, levenswijsheid en liefde van vele generaties én er is een gebied waar het té pijnlijke, té moeilijke verdrongen is.

In haar natuurlijke drang naar heelheid en evenwicht zal de familieziel het verdrongene herhalen tot het geïntegreerd is. Zo worden mensen in latere generaties veelal onbewust ‘in dienst genomen’ om een lot te dragen, een taak te volbrengen namens voorouders die dat niet konden. Dit fenomeen wordt ‘verstrikking‘ genoemd.

De methode van Familie-opstellingen geeft op elegante wijze toegang tot het collectief onbewuste van het familiesysteem. Zo kan de vaak dramatische invloed van een of meerdere verstrikkingen in iemands leven verhelderd, aanvaard en geïntegreerd worden. Daarmee herstelt ook het oudere trauma en het geheel komt beter in balans.

Waar ze voorheen belastend, verwarrend of afwezig was kan de verbinding met de voorouders dierbaar en waardevol blijken te zijn. Men kan opener en bewuster putten uit de rijkdom van die levensbron.