Iedereen heeft familie

Iedereen heeft familie en er is altijd wel wat aan de hand…

Interview van Annemarie de Wit met Elly te Brake, december 2000.
Gepubliceerd in ‘de Roozet’, krant van Centrum de Roos, Amsterdam


Veel van onze overtuigingen en psychische problemen hebben hun oorsprong in de familie waarin we zijn opgegroeid; en openbaren zich in onze huidige relaties. Elly te Brake werkt als vrij gevestigde psychotherapeut en supervisor. Sinds 1997 traint ze zich in het begeleiden van familie- en organisatieopstellingen. Ze volgde training en bij o.a. Bert Hellinger. Hij ontwikkelde het werk dat uitgaat van familiesystemen waarbinnen ieder op zoek is naar een (juiste) plek.

Annemarie: In je brochure spreek je van een ‘familiegroepsziel’. Wat bedoel je daarmee?

Elly: Het familiesysteem, met alle personen die daarbij horen, vormt een energieveld. Er is een verbondenheid van die familie als geheel, en dat noem je een familiegroepsziel. Het is jets onzichtbaars maar zeker merkbaar, vooral als het verstoord is, als er onrust of disharmonie is. Dat wordt gevoeld in de familieziel. En doordat elk familielid daar onderdeel van is zal ieder, bewust of onbewust, dat ervaren en zich er automatisch mee verbinden of zich ervan terugtrekken.

Bert Hellinger, die deze methode genitieerd heeft, nam als basis de behoefte aan heelheid van de familieziel of groepsziel. Tijdens zijn verblijf als missionaris in Afrika viel het hem op dat de volkeren daar heel betrokken zijn bij afwezige, vaak reeds overleden familieleden, met name de voorouders. Er is respect voor deze familieband over de generaties been.

In de westerse wereld is de mens in rap tempo gendividualiseerd en is daarmee voor een deel de mogelijkheid tot harmoniseren binnen de fan1iliegroepsziel kwijt. Men is meer geneigd zich te distantiren van de familie. Maar verstrikkingen binnen jezelf los je niet op door je van je farni1ie te distantiren.

Om een beeld te geven van het maken van een familie-opstelling, laat EIly een videofragment zien waarin Hellinger een workshop leidt.

Een van de deelneemsters vertelt dat ze zich niet meer kan binden in een liefdesrelatie. ‘Ik heb al heel lang geen relatie meer gehad en ik begrijp niet waarom’. Hellinger vraagt naar de gebeurtenissen binnen haar gezin. Ze is gescheiden, heeft twee dochters en een zoon die bij de geboorte gestorven is en aan wie ze, tot voor kort, elke gedachte verdrong.

Met deze informatie wordt een familie-opstelling gemaakt. De vrouw kiest, uit de andere deelnemers van de workshop, vertegenwoordigers voor haar gezin. Vanuit haar gevoel zet ze de representanten neer ten opzichte van elkaar: zo plaatst ze een man, als representant voor haar ex-man, in een uithoek van de zaal. Uit de toeschouwers haalt ze drie vrouwen die haar twee dochters en zijzelf vertegenwoordigen. De dochters plaatst ze heel dichtbij de moeder.

Vervolgens worden de posities van de representanten veranderd. Door herhaaldelijk te informeren hoe de plaatsvervangers zich voelen wordt geprobeerd om de juiste ordening te vinden. De ex-man wordt uit de hoek gehaald en komt naast de vrouw te staan. De dochters staan tegenover het koppel. Hellinger vult aan: ‘We missen nog iemand’. Een representant van de doodgeboren zoon wordt uit het publiek gehaald en gevraagd om voor z’n vader en moeder te gaan zitten. Zij leggen elk een hand op zijn hoofd. De man die de zoon vertegenwoordigt is zichtbaar gemotioneerd.

Op de een of andere manier ondergaan representanten dezelfde gevoelens en onderlinge verhoudingen die de oorspronkelijke familieleden hebben gehad. Door te vragen naar bun ervaringen kunnen de systemische verstrikkingen en de bijbehorende dynamiek voor de vrouw aan het licht komen.

Daarna wordt de zoon naast zijn zussen geplaatst. ‘Hoe voelt dat?’ vraagt Hellinger aan de dochters. ‘Geweldig om m’n broer naast me te hebben.’ antwoordt een van hen. Tenslotte worden ‘oplossende uitspraken’ gebruikt om de emotionele energie vrijuit te laten stromen. Hellinger fluistert de vrouw een zin in. Zij moet het een paar keer herhalen voordat het haar lukt om de zin volledig uit te spreken: ‘Jij bent mijn zoon en je hebt een plaats in mijn hart’.

Hadden de ouders samen gerouwd om het verlies van dit kind, clan had het hen inniger verbonden; doordat ze het ontkenden, dreef het henjuist uit elkaar. In het ontkennen sluit men zich af; daardoor wordt het moeilijker zich (opnieuw) te verbinden.

Annemarie: Wie vormen het familiesysteem en kun je voorbeelden geven van verstrikkingen?

Elly: Bij het systeem van de familie horen de kinderen, de ouders, de grootouders, de ooms en tantes, ook de overgrootouders, oudooms, oudtantes en zelfs generaties daarvoor. Maar meestal werken we niet met generaties zover terug. Mensen die een invloedrijke rol hebben gespeeld horen ook bij het familiesysteem. Iemand die als kind geadopteerd is bijvoorbeeld, daarvan horen zowel de adoptief-ouders als de biologische ouders bij het familiesysteem. En met mensen die deel zijn van het systeem kunnen anderen uit het systeem weer verstrikkingen krijgen.

Een kind kan onderdrukte gevoelens overnemen en niet door hebben dat het eigenlijk niet zijn eigen gevoelens zijn. Of hij/zij identificeert zich met vergeten of buitengesloten familieleden, neemt hun schuld, wraak of lot als het ware over. Daarvoor hoeft hij/zij deze familieleden niet te kennen, het kan zelfs zijn dat hij/zij niet eens van hun bestaan afweet.

Als we een opstelling maken dan gaan we niet uit van interpretaties of ervaringen van mensen, maar van feitelijke gebeurtenissen zoals immigraties, adopties, vroege dood, traumatische gebeurtenissen in een familie. Deze feitelijke gebeurtenissen hebben invloed. Emotionele en psychologische effecten zijn een gevolg daarvan.

Annemarie: Is het altijd van die zware problematiek die behandeld wordt tijdens een familie-opstelling?

Elly: Het gaat vaak over verdrongen gebeurtenissen, trauma’s. De doodgeboren kinderen, de tante in het gesticht waar we het nooit over hebben, de geheimen. Juist omdat het pijnlijk is blijven ze geheim. We hebben de neiging om terug te schrikken van pijn, zo zitten we nu eenmaal in elkaar. In het getoonde videofragment konden de twee ouders het verdriet niet samen dragen omdat ze het verdriet niet erkenden. Daardoor ontstaat er al een disbalans tussen de ouders.

Een van de wetmatigheden is dat iedereen die in het systeem geboren is een plaats dient te hebben, een juiste plaats. Dit kind kreeg helemaal geen plek. Zodra dat kind wel in de familie werd binnengehaald, als representant, zagen we heel veel emoties bij de ouders. Vervolgens herstelde zich iets tussen hen. De twee dochters die eerst moeder moesten steunen, konden opeens vrij staan en gewoon kinderen zijn omdat vader en moeder nu elkaar steunden.

Annemarie: Waarin ligt precies het helende aspect?

Elly: In het aanvaarden van wat er is. En vaak wordt jets uitgesproken in zo’n opstelling. Een vrouw zegt tegen haar man: ‘Ik ben verkracht geweest door soldaten’. Hij antwoordt: ‘Ik weet het en ik heb jou niet kunnen beschermen’. Dit gezegd te hebben geeft erkenning.
Het mooie vind ik dat je kunt zien hoe veel kracht men heeft, ook om pijn te verdragen.

Ik ervoer het onder andere in een opstelling waarin ik stand als representant van een moeder, waarbij het kind probeerde mijn lot over te nemen. Dat verzwakte mij als moeder. Op het moment dat ik kon ik zeggen: ‘ik draag mijn eigen lot’, gaf me dit een waardigheid die ik daarvoor niet kon voelen. Je raakt aan een diepe menselijke veerkracht en die bestaat uit het aanvaarden van de werkelijkheid en waarheid zoals die zich aandienen.

Annemarie: Verschuiving in innerlijke beleving, dat is dus waar het om draait?

Elly: Meestal is het voldoende om te voelen hoe het had moeten zijn. Het maakt duidelijk waar je verwarring vandaan komt. ‘Dit is wie ik eigenlijk hen, dit is wie ik had kunnen zijn’. Vaak vertel je het verhaal anders als je zo’n opstelling hebt gezien: je krijgt een verschuiving in je innerlijke beleving van je familie.

Op de juiste plaats in je familie word je herenigd met de kracht en liefde van de generaties voor je. Van daaruit kun je verder. Het geeft je stevige grond onder je voeten, je herontdekt je wortels.